Fotoverslag

In 2004 maakte ik een fietstocht van thuis uit naar Oostenrijk en terug. Je kan hier verder lezen wat ik onderweg allemaal uitspookte.

Destelbergen (B) - Lilse Bergen (B)
Datum: 14-07-2004
Afstand: 147.6km
Totale afstand: 147km
Vol goede moed en met een volgeladen fiets vertrek ik naar waar de wind mij blaast. Het oosten is dat in mijn geval. Eerst steek ik snel nog wat foto's bij Anick in de bus, maar dan kies ik resoluut de scheldedijk. Erg lang kan ik die niet volgen. Bij Heusden is die al een tijdje onderbroken en volg ik zoals velen de omleiding. Een omleiding die ik ondertussen al goed ken van mijn duurlopen. Maar eens daar voorbij is het gewoon de dijk volgen. In feite volg ik de LF 5, wat in deze aanvangsfase hetzelfde is. Met de een stevige bries in de wind schiet dat heel goed op. Regelmatig haal ik snelheden van boven de 30 per uur. Dat klinkt niet zo indrukwekkend, maar met een zwaar geladen fiets is het alles behalve evident. Ik rijd hier tenslotte niet met een koersfietske, hé.
Een eerste hindernis is het veer van Sint-Amands. Erg nuttig om aan de overkant te geraken natuurlijk, maar om van de wal op het dek te geraken moet je een flink trapje nemen. Mijn fiets is simpelweg te zwaar om eventjes op te heffen. Met de hulp van de veerman lukt het gelukkig wel. Ik heb niet eens moeten wachten om over te steken. Mijn timing was echt perfect. Op het moment dat ik de ponton oprijd komt het bootje net aangevaren.
Na Sint-Amands volg ik nog een tijdje de Schelde om bij Rupelmonde op de Rupel over te schakelen. Als je die eventjes gevolgd hebt sturen ze je over een sluizencomplex en direct erna kom ik mijn tweede veerpont tegen. Deze keer komt er geen trapje bij kijken. Prima, dat bespaart mij een hele hoop gesleur. Ter hoogte van Boom moet je een tijdje door wat dichter bebouwd gebied. Dan kom je altijd een wirwar van allerhande bordjes tegen, waardoor die kleintjes van de fietsroutes soms moeilijk te vinden zijn. Het overkomt mij ook. Voor het eerst raak ik het spoor van de LF 5 bijster. Na wat zoeken en op het gevoel de goede richting volgen, vind ik hem terug. De bordjes leiden me verder langs de Nete en het Netekanaal. Met de wind in de rug haal ik terug hele stukken erg hoge snelheden. Eens ik het Albertkanaal kruis, is het gedaan met vlammen over de dijken. Er zijn simpelweg geen dijken meer. De weg voert nu hoofdzakelijk over landelijke wegen. De weilanden maken geleidelijk aan plaats voor bossen. Niet alleen het landschap verandert, ook het weer wisselt. De hele dag was het al bewolkt, maar nu krijg ik af en toe eens wat motregen over me heen. Dat vind ik natuurlijk minder leuk en omdat het toch al laat genoeg wordt, kijk ik eens of in de buurt van de LF 5 een camping te vinden is. Erg lang hoef ik niet te zoeken. Een beetje verder passeert de LF 5 de Lilse Bergen.
De camping hoort bij een recreatiedomein met een zwemvijver en dat is van een genre waar ik eigenlijk niet zo zot van ben. Toch moet ik toegeven dat de camping wel in orde was en ik er een rustig slaapplaatsje gevonden heb. Na op een droog moment mijn tentje opgezet en wat gegeten te hebben, zoek ik een parcours voor een duurloopje. Met al die bossen in de buurt mag dat geen enkel probleem opleveren. Bij de ingang van de camping staan een paar informatieborden waarop mountainbikeroutes weergegeven zijn. Het is eigenlijk er niet voor gemaakt, maar niemand houdt me tegen die als loopparcours te gebruiken. Ik kies voor de groene route. Het is een mooi duurloopje. Behoorlijk veel zachte ondergrond zonder dat het echt vuil wordt. Om op te mountainbiken vind ik het eerlijk gezegd een mager beestje. Je gaat me niet wijsmaken dat het lastig fietsen is. Terug op de camping maak ik nog een rondje rond de camping en de zwemvijver. Onderweg neem ik wat bergjes mee. Ik moet mijn berglopen toch ook wat onderhouden. Totaal natgeregend houd ik het na 1u20' lopen voor bekeken. Als ik elke dag zo eenvoudig een mooi loopparcours vind, zie ik de tocht helemaal zitten.

Zo zag mijn fiets er uit net voor ik vertrokken ben. Al dat gewicht moet ik dus over al die afstand meesleuren. En je mag gerust zijn dat het behoorlijk wat is.
En zo ziet het hele zootje eruit als ik er op zit.
Nu alles in orde is kan ik met een gerust gemoed vertrekken. Op naar de horizon.
Hier zie je me de straat uitdraaien. Nu ben ik definitief vertrokken. Weg om een tijdje weg te blijven.
Mijn fiets tijdens de eerste middagpauze van mijn reis. Hier zit ik nog steeds langs de Schelde. Dit is ongeveer ter hoogte van Bornem.

Lilse Bergen (B) - Montfort (NL)
Datum: 15-07-2004
Afstand: 136.22km
Totale afstand: 283km
Bij het opstaan krijg ik hetzelfde miezerige weer als gisteren tijdens mijn duurloop. Erg veel kan ik daar niet aan doen, dus ik zal me er niet te veel van aantrekken. Ik vertrek en ga terug op zoek naar de LF 5. Het duurt niet lang om die terug te vinden en dan kan ik mijn tocht door de dennenbossen verder zetten. Niet zo lang daarna is het gedaan met de bossen. Ik ga opnieuw wat langs het water rijden. In tegenstelling tot gisteren is er zo goed als geen wind. Dat supersnelle bollen zal niet voor vandaag zijn. Een hele tijd lang volg ik het zogenaamde "Kanaal van Dessel naar Schoten over Turnhout".
Dat is niet altijd even simpel. Op een bepaald moment verandert het mooie jaagpad in een hobbelig zandbaantje. Niet erg, ik rijd graag eens over een onverhard stuk. Die zijn altijd veel rustiger. Maar dit wordt wel heel erg. Verschillende stukken zijn echt een zandbak. Mijn banden zijn lang niet dik genoeg voor dergelijk terrein. Regelmatig moet ik eens voet aan de grond zetten. Zonder mountainbike geraak je er gewoon niet door. Na een paar kilometer krijg ik gelukkig terug asfalt onder de wielen.
Erg lang duurt het niet. Een tiental kilometer verder sturen ze mij omwille van werken van de waterkant weg. Ik moet het toegeven, de omleiding voor de fietsers staat heel goed aangegeven. Al is ze wel behoorlijk lang. Ik heb ze daarom niet gevolgd tot ze terug bij het kanaal kwam, maar de bordjes naar de abdij van Postel gevolgd. Die stuurden me over een mooie route dor het bos. Iets voorbij Postel kwam ik dan opnieuw de LF 5 tegen. Erg lang heb ik daar niet van kunnen genieten. Nauwelijks een kilometer of tien verder ben ik hem hopeloos kwijt. Dan maar op het gevoel proberen dezelfde richting uit te gaan. Het heeft een tijdje geduurd, maar uiteindelijk kom ik toch opnieuw de bordjes tegen. Het landschap verandert ook niet bijster veel. Het blijft hoofdzakelijk landbouwgebied met regelmatig eens een stukje bos ertussen geschoven.
Na nog een hele tijd dit weinig inspirerende landschap doorkruist te hebben bereik ik de Nederlandse grens. Erg veel valt daar niet aan te zien. Enkel een grenspaal toont nog waar die ligt. Eigenlijk wordt het tijd om een slaapplaatsje te zoeken, maar ik heb me voorgenomen aan de overkant van de Maas te geraken. Voor vanavond had ik enkel een half uurtje loslopen in gedachten. Erg veel kwaad kan het dus niet als het vandaag wat later wordt. Het laatste stukje LF 5 dat ik volg maakt wel wat te veel omwegen door de centra van de dorpjes naar mijn zin. Op het einde van mijn fietsdag zoek ik zelf een weg over de Maas en naar de eerstvolgende camping aan de overkant. Dat blijkt deze van Montfort te zijn.
Het is niet bepaald een trekkerscamping, maar ik heb er toch een rustig plekje. En wat zou ik nog meer vragen? De camping is langs een behoorlijk drukke weg gelegen, iets waar ik niet bepaald van hou om langs te lopen. Bij gebrek aan alternatieven start ik met het fietspad langs de drukke weg en kies de eerste zijstraat die ik tegenkom. Ze loopt in de richting van een achter de camping gelegen bosje, dat ziet er al goed uit. Bij het bosje aangekomen zie ik al snel een wandelpad aan mijn rechterkant. Daar moet ik geen seconde over twijfelen. Ik begin het te volgen. Tot mijn grote verrassing kom ik de hele tijd op korte, nijdige hellinkjes terecht. Waar komen die plots vandaan? In de hele omgeving is voor de rest alles zo vlak als een biljarttafel. Na een korte tijd was ik rond het bosje en heb nog wat verder langs het zijbaantje gelopen. Wat verder ligt nog een bosje op de linkerkant. Ik loop dat ook nog eens door. Af en toe moet ik me een weg banen door de struiken, maar ik geraak er toch zonder veel problemen door. Langs dezelfde weg keer ik terug naar mijn tentje. Het was een leuk half uurtje loslopen.

Een openstaande brug ter hoogte van Turnhout. Op de foto zie je het niet goed, maar een grapjas is erin geslaagd "Sorry, kan niet rapper" op de onderkant te schrijven. Ik trek me daar niets van aan want moet er toch niet over.
Het beruchte zandbaantje langs het kanaal. Wie hier met een dergelijke fiets over kan rijden is een straffen peet. Ik ben moeten afstappen.
Hier ben ik aan de Nederlandse grens. Op de achtergrond, in het weiland, staat de grenspaal.

Montfort (NL) - Brück (D)
Datum: 16-07-2004
Afstand: 143.57km
Totale afstand: 427km
Een blik op de wedstrijdkalenders die ik mee heb, leert me dat vanavond in Düren een wedstrijd van 10 kilometer georganiseerd wordt. Een blik op de kaart leert me dat ik daar moet kunnen geraken. Op voorwaarde dat ik wat kan opschieten en niet teveel verkeerd rijd... Volgens de kaart is er een camping een beetje voorbij Düren, in Nideggen. Op weg dan maar, ik zie wel waar ik kom.
Via een paar nogal drukke wegen kom ik in Sint-Odiliënberg. Vanaf daar kan ik een fietsroute langs de Roer (in Duitsland wordt dat dan Rur, niet te verwarren met de Ruhr) volgen. In theorie toch, de praktijk zal soms anders zijn. Hier in Nederland kan je niet echt langs het water rijden. De route volgt wat landelijke wegen die min of meer de loop van de rivier volgen. De bewegwijzering is wel in orde. Na een tijdje rijd ik een hekje door. Bijna had ik het niet gemerkt, maar langs de kant van het pad staat een grote stenen paal. Waarschijnlijk zal dat de grens met Duitsland zijn. Even stoppen voor de obligate grensfoto en dan weer verder. Gelukkig was ik erop bedacht anders had ik zelfs niet beseft dat ik de grens passeerde.
Om één of andere reden verandert de markering van de fietsroute bij het binnenrijden van Duitsland. Je moet dat blijkbaar maar weten. Verenigd Europa, laat me niet lachen. Eens ik in Duitsland ben duurt het niet lang voordat ik de markering hopeloos kwijt geraak. Dat begint al goed. Een paar kilometer verder kom ik dan terug op de route terecht, alleen maar om ze een paar kilometer verder opnieuw kwijt te zijn. Als dat overal zo ik in Duitsland ga ik nog het een en ander meemaken.
Met de natte vinger stippel ik dan maar zelf een route uit die min of meer dezelfde kant opgaat. Op een bepaald moment kruis ik de Rur, zie er een onverhard baantje langslopen en begin dat dan maar te volgen. Wonder boven wonder, plots is de fietsroute terug. Nog veel groter wonder: ik ben ze niet meer kwijtgeraakt. Alleen moeten ze op een bepaald moment toch eens van markering wisselen. Vraag me niet waarom ze op één fietsroute drie of vier verschillende markeringen moeten gebruiken. Maar goed, nu staat er in grote letters RUR (RurUferRadweg) op de bordjes.
ens na mijn middagpauze bij Jülich komt de zon er zelfs door. Het is het begin van een zonnige periode die bijna een hele maand zal blijven duren. Is het in Jülich altijd zo mooi weer, Ingeke?
In de namiddag komen eerst aan de horizon en dan steeds dichterbij wat bergen in zicht. Ik nader duidelijk de Eifel. Hier loopt de route over een mooi grindpad, dikwijls in de schaduw van de bomen die de rivier omgeven. Het is erg aangenaam fietsen. Op het einde van de dag krijg ik voor het eerst wat hoogteverschil voor de wielen geschoven. Nog niet echt spectaculair, maar een goede opwarming voor de Alpen. Om Nideggen te bereiken moet ik zelfs een helling van 8% met echte haarspeldbochten op. Voor het eerst moet ik op de kleine plateau schakelen. Boven in het dorp probeer ik erachter te komen waar die camping ergens te vinden is. Ze hebben me goed liggen: daarboven is er geen. De camping blijkt in een dorpje te liggen dat niet op mijn kaart staat. Daarom is hij in Nideggen aangegeven. En waar ligt dat dorpje? Inderdaad, beneden aan de helling met de haarspeldbochten. Ik ben er vlakbij gepasseerd en voor niets naar boven gereden.
Uiteindelijk geraak ik toch op de camping, zet snel mijn tentje op en speel in zeven haasten een stukje brood naar binnen. Zonder veel gerust te hebben spring ik op mijn fiets om zo snel mogelijk bij die wedstrijd in Düren te geraken.
Het zal vrij nipt zijn. Ik kies dan maar de kortste weg. Die loopt langs de grote baan, maar eerst moet ik… jawel, diezelfde haarspeldbochten oprijden. Deze keer is het gelukkig zonder bagage, dat gaat een pak eenvoudiger en sneller. Daarna is het de hele tijd bergaf naar Düren. Lekker vlammen betekent dat.
Eens ik tussen de bebouwing kom ga ik op zoek naar de wedstrijd. Ik weet alleen dat de inschrijving in de "Straße Am Jugendstadion" plaatsvinden. Ik vraag dan maar naar het Jugendstadion. Een paar vriendelijke mensen wijzen me de weg naar wat sportvelden en stadia. Van een loopwedstrijd is geen spoor te bekennen. Niemand weet iets van een loopwedstrijd. Na nog wat rondvragen weet iemand me te zeggen "Het Jugendstadion, is dat niet in Düren?". Hoe, ben ik hier niet in Düren misschien? Blijkt dat ik in een voorstadje aan het zoeken ben en nog een paar kilometer verder moet.
In Düren vind ik inderdaad het Jugendstadion. Nog steeds niet echt een loopwedstrijd te bekennen. Er staat wel een wagen van het Rode Kruis. Ik vraag aan hen eens waar ik moet zijn. Ja, dit is het Jugendstadion. Ja, hier passeert een loopwedstrijd. Nee, de inschrijving en zo is hier niet. Dat is een paar straten verder. De straat noemt "Am Jugendstadion". Die naam hebben ze volgens mij toch uitgevonden om mij in de war te brengen.
Ik schrijf me snel in en loop een klein beetje los. Niet te veel, ik denk dat ik al behoorlijk opgewarmd ben. Bij de start eens rondkijken leert me al dat het deelnemersveld waarschijnlijk niet veel soeps zal zijn. Ik heb de indruk dat het vooral gelegenheidslopers zijn.
Wanneer het startschot weerklinkt, gaan twee lopers er stevig vandoor. Samen met een vierde loper volg ik in hun spoor. Erg lang kunnen ze het hoge tempo niet aanhouden. Na een goede kilometer moeten ze wat gas terugnemen. Op het grindpad langs de Rur begin ik dan maar wat aan de kop te sleuren. Slechts eentje kan nog volgen, de rest ziet sterretjes. Samen hebben we de rest van de eerste ronde gelopen. In de tweede ronde is het mijn beurt om sterretjes te zien en moet die kerel laten gaan. In verlies nog behoorlijk veel terrein op hem, maar achter ons is het gat gigantisch. Ik heb niemand meer uit de achtergrond zien terugkomen. Tweede geworden na een hele dag fietsen en met de conditie die ik nu heb. Veel beter dan ik ooit verwacht had. Het parcours van de wedstrijd is niet slecht: hoofdzakelijk mooie, rustige grindbaantjes. De signalisatie zou wel wat beter kunnen en de seingevers zouden ook wel wat wakkerder mogen zijn.

Na de wedstrijd blijf ik niet te lang. Erg veel valt er niet meer te beleven en ik moet nog een heel stuk fietsen om bij mijn tentje te zijn.

Kort na de Nederlandse grens komt al de Duitse grens. De grote steenblok naast mijn fiets is de grenspaal.
Op een klein en steil houten brugje over de Rur.
Nog steeds langs de Rur. De rivier ligt net naast mij, maar is slecht zichtbaar op de foto door het hoge gras.
Een klein beetje voor Nideggen. De burcht recht voor mij licht op de helling tegenover het dorp.
Net voor de start van de wedstrijd in Düren. De lopers rond mij zullen ver achter mij toekomen.
Dit is mijn laatste rechte lijn. Nog eventjes gas geven en dan is het goed geweest voor vandaag.

Brück (D) - Rheineck (D)
Datum: 17-07-2004
Afstand: 111.05km
Totale afstand: 538km
Vandaag probeer ik van de Rur naar de Rijn te fietsen. Ik heb geen flauw idee of er daar fietsroutes heen lopen. Ik zal zelf iets moeten uitstippelen. Na flink wat zoekwerk lukt het me iets uit te stippelen dat bijna de hele tijd over witte baantjes loopt. Vol goede moed en met een stralend zonnetje begin ik met al voor de derde maal de fameuze haarspeldbochtenhelling op te rijden. Daarna volgt een glooiend stuk tussen de velden. In het begin langs wegen die een stuk drukker zijn dan ik wil, maar dat betert na een tijdje. Op een bepaald moment is de weg afgezet vanwege werkzaamheden een paar kilometer verderop. Ik wil toch eens proberen of er met de fiets geen doorkomen aan is. Ik rijd nog maar net het bord voorbij of een Duitser roept me terug. Nee, je kan er echt niet door. Hij zegt me wel een mooie route om naar de Rijn te rijden. Dat wil ik best wel eens proberen.
Ik begin richting Bad Münstereifel te volgen. Dat is geen enkel probleem, er staan hier veel wegwijzers voor fietsers. Die kan je erg eenvoudig volgen. Ik kom wel eens tegen dat op een wegwijzer staat dat het nog een tiental kilometer is. Een half uur later zat ik helemaal verkeerd en was het nog steeds een tiental kilometer. Waarschijnlijk heeft iemand ergens een draai aan één of andere pijl gegeven. Toch een beetje uitkijken is de boodschap.
Het zonnetje van deze morgen begint het pleit tegen de wolken te verliezen. Er komen een paar bijzondere donkere exemplaren binnendrijven. Bij het binnenrijden van Bad Münstereifel begint het wat te regenen en tegen dat ik in het centrum ben krijg ik een ware stortbui over me heen. Onder een boom neem ik een middagpauze terwijl rondom mij de straten onder water staan. Erg waterdicht is die boom niet, ik blijf niet helemaal droog. Eens de bui voorbij trek ik verder naar Effelsberg. Ik moet ervoor een flinke helling oprijden. In de namiddag zal de zon terugkomen op volle kracht. Het wordt zelfs behoorlijk warm.
Na bergop komt bergaf en tijdens mijn afdaling werp ik even een blik op de radiotelescoop die daar staat. Ze stond verkeerd gericht om ze goed te zien tussen de bomen, maar ik heb ze toch eens kunnen bekijken.
Een beetje dalen later begin ik in Altenahr de Ahrradweg te volgen. Je had waarschijnlijk zelf nooit kunnen bedenken dat deze de vallei van de Ahr volgt. De Duitser had mij gezegd dat het een erg mooie route is en hij heeft gelijk. De route loopt praktisch de hele tijd over een volledig van de rijweg gescheiden fietspad. Het loopt langs de rivier, door van die echte Duitse dorpjes zoals ze op de postkaartjes staan, zelfs een hele tijd door wijngaarden... Echt heel mooi. Op een bepaald moment rijd je zelfs langs een spoorweg, wanneer de spoorweg door een tunnel gaat, ligt ernaast een tunnel voor de fietsers.
Het laatste stuk kom je in wat drukker gebied. Een aaneenschakeling van kuuroorden is mijn indruk. Mijn bel moet overuren maken om de wandelaars en zondagsfietsers opzij te laten gaan. Na de slalom tussen de andere fietspadgebruikers wordt het terug wat rustiger en bereik ik de Rijn. Het doel voor vandaag is bereikt en het wordt tijd om een camping te zoeken. De eerstvolgende blijkt in Rheineck te liggen. Best wel een leuk campinkje.
In de loop van de avond trek ik nog eens mijn schoenen aan voor een duurloopje langs de Rijn. Ik probeer even wat onverharde wegen te vinden, maar moet dat al snel opgeven. Ik zal het dan maar bij het fietspad langs de Rijn houden. Nu het wat later wordt zit er erg weinig volk op. Ik kan schitterend rustig lopen. Na een dik half uur keer ik terug en begin me direct ongerust te maken. In de buurt van de camping hangen inktzwarte wolken en ze komen mijn kant uit. Ik ga hier direct een knetterend onweer op mijn kop krijgen. Geen enkele plaats om te schuilen in de buurt natuurlijk. Ik trek het tempo een beetje op in de hoop op tijd het dichtstbijzijnde dorpje, Bad Breisich, te bereiken. Ik haal het net niet. Bij de eerste regen kan ik onder de beschutting van bomen het dorp bereiken.
Wanneer ik de eerste gebouwen bereik begint het echt te stortregenen. Ik loop onder de luifel van het eerste het beste restaurant en blijf daar eventjes wachten. Dat blijkt een hele goede keuze te zijn. Vlak naast mij klettert de regen op de grond, met regelmatig een paar flinke hagelstenen ertussen. Rondom mij vluchten de mensen die op het terras zaten één voor één naar binnen. Van zodra het ergste voorbij is, vertrek ik terug. In de straten en uit de riolering stroomt het water naar de Rijn. Door de verlaten, verzopen straten loop ik terug naar mijn tentje. Dat heeft het onweer blijkbaar ook goed doorstaan.

Het glooiende landbouwlandschap van het dagbegin. In feite valt er niet veel te zien.
De radiotelescoop van Effelsberg.
Hier zit ik al op de Ahrradweg. Op de (erg steile) hellingen en rondom mij heb je overal wijngaarden.
Op dezelfde plaats, maar van de andere kant bekeken. En nu zit ik op mijn fiets natuurlijk.
Eindelijk bereik ik de Rijn. Op de achtergrond niet alleen een rijnaak, maar aan de overkant komt ook net een trein voorbij (heel moeilijk te zien op de foto). Drie transportmiddelen op één foto.

Rheineck (D) - Rüdesheim (D)
Datum: 18-07-2004
Afstand: 109.05km
Totale afstand: 647km
Wanneer ik opsta is de nattigheid nog steeds niet helemaal verdwenen. In de vallei hangen nog wat mistflarden rond te zweven. Tegen dat ik goed en wel op mijn fiets zit verdwijnen die gelukkig. Onder een stralend zonnetje begin ik de Rijn te volgen.
Zowat de hele tijd kan je over mooi fietspad rijden langs het water. Er zit wel erg veel volk op. Mijn bel mag weer eens ferm overuren kloppen. Er is ook een route gemarkeerd langs de Rijn, maar erg veel moet je je daar niet van voorstellen. Af en toe staat er een pijltje dat je rechtdoor de Rijn moet volgen. Dat had ik zelf wel kunnen bedenken. Op het moment dat je toch eens niet simpelweg de rivier kan volgen, is het principe meestal "trek je plan". Markering als je ze niet nodig hebt en geen als je ze wel nodig hebt. Van Deutsche Grundlichkeit had ik toch meer verwacht.
Na een beetje fietsen kom ik zo in Koblenz terecht. Hier kan je even de monding van de Moezel bekijken. Fijn, maar erg veel is daar toch niet aan te zien. Waarschijnlijk zijn er nog veel ongetwijfeld schitterende zaken te zien, maar dat interesseert me op het moment geen fluit. De belangrijkste levensvraag is op dit moment hoe ik verder ga rijden. Omdat ik nu al een hele tijd langs de Rijn rijd, besluit ik eens van kant te wisselen. Dan krijg is alles eens van een ander perspectief te zien. Wat knoeiwerk en Koblenz en ik kom aan de overkant op een mooi fietspad terecht. Waarom moet ik in steden toch altijd zo hopeloos de weg kwijt geraken?? Ik heb er geen probleem mee om af en toe eens te verdwalen, maar liefst toch niet tussen de auto's en voorbijrazend verkeer.
Eerste vaststelling is dat beide oevers van de Rijn er min of meer hetzelfde uitzien. Wat een verrassing is dat toch. Naarmate ik verder naar het zuiden vorder wordt de vallei steeds smaller en bochtiger. Op zich is dat natuurlijk heel mooi. Het grote probleem is dat er niet altijd plaats is voor een apart fietspad. Dat betekent hoe langer hoe meer op de weg fietsen. En die weg is niet direct van het rustige soort. Er wordt veel en snel gereden. Niet echt leuk als je daar om moet rijden. Misschien zit ik aan de verkeerde kant, maar ik heb de indruk dat het aan de overkant van het water niet veel aangenamer rijden is.
Daar bovenop komen wat donkere wolken binnendrijven. Opnieuw geen plaats om te schuilen natuurlijk. Een paar kilometertjes flink tempo maken zorgen ervoor dat ik net voor het onweer het dorpje Kesterl te bereiken. Ik heb er net de tijd om onder een afdakje te duiken. Dan barst de hel los met stortregen, hagel, donder, bliksem en zware rukwinden. Ik denk dat ik hier even een pauze ga inlassen. Een stukje chocolade kan toch deugd doen.
Op zo een druk stuk rond ik de Loreley. Blijkbaar is die van gevaarlijke klip voor schepen vanwege het drukke verkeer nu een gevaarlijke klip voor fietsers geworden. Ik geraak er toch heelhuids voorbij. Als zelfs de Loreley me niet kan tegenhouden, kan niets of niemand dat. Oostenrijk, here I come.
Na de Loreley verandert er niet bijster veel. Ik blijf last hebben van voorbijrazend verkeer. Naar het einde van de dag toe zijn ze zo vriendelijk eens een bewegwijzering voor die arme fietsers te voorzien. Dankbaar probeer ik die te volgen. Zonder pardon sturen ze mij de wand op, om daar over wat petieterige weggetjes tussen de wijngaarden te bollen. De hele tijd erg nijdige hellinkjes op en af betekent dat. Ik ben er nog steeds niet uit wat ontspannender is: hierboven je doodtrappen of beneden zo goed mogelijk de rechterkant van de baan houden. Beneden zal in elk geval het snelst opschieten.
Ik houd halt bij de camping van Rüdesheim. Niet echt een denderende camping, maar voor één nacht kan het geen kwaad. Om één of andere reden is het er vergeven van de Denen. Geen idee hoe die er allemaal terecht zijn gekomen. Het is in elk geval eens wat anders dan de horden Hollanders waar ik gewoonlijk mee af te rekenen krijg.
Op de camping hangt een kaart met wat wandelwegen op de helling. Ik zal eens proberen of ik er een paar van kan terugvinden. In eerste instantie kom ik op betonnen baantjes tussen de wijngaarden terecht. Voor geen meter vlak, zelfs niets dat op vlak lijkt. Weer een absurd idee van mij om hier een duurloop te proberen doen. Boven op de helling kom ik bij een groot "Denkmal" waar blijkbaar een paar gemarkeerde wandelroutes vertrekken. Ik probeer eens de "hertjeswandeling" te volgen. Heel erg mooi, ik kom langs een paar schitterende uitzichtpunten. Spijtig dat ik mijn kodakske niet bij heb.
Wanneer de wandeling meer voor het bos kiest, heeft de markering er blijkbaar ook geen zin meer in. Ik loop dan maar blindweg wat door het bos. Ik heb me er eens goed kunnen uitleven. Terug bij het Denkmal, dender ik de helling naar beneden. Veel te steil om gezond te zijn, maar ik moet toch terug beneden geraken. Na 1u40' kom ik terug bij mijn tentje. Goed getraind, Wouter.

Mijn fiets op een brug over de Moezel vlak bij diens monding in Koblenz. Op de achtergrond zie je de Rijn al stromen.
Onderweg langs de Rijn. Op de achtergrond zie je het dorpje Boppard liggen.
Aan de Loreley, een gevaarlijke klip voor fietsers. Midden in de rivier prijkt een standbeeld om de toeristen te lokken. Schippers laten zich al lang niet meer vangen.
Nog steeds langs de Rijn. Midden in de rivier zie je het eiland Pfalz liggen. Jammer genoeg ontsieren een hele hoop steigers het zicht.

"The most painful thing about mathematics is how far away you are from being able to use it after you have learned it."

- J.R. Newman

Foto sluiten Foto